Deel in mijn interesse in de Tweede Wereldoorlog en de verwachting van Jezus wederkomst...

woensdag 12 april 2017

Symposium over de NSB in het Westland

Op donderdag 6 april 2017 hield de stichting Regionaal Geschiedkundig Onderzoek (SRGO) in De Kiem in 's Gravenzande een symposium met als titel 'Het gezicht achter de NSB'. Wij waren er bij.
Het symposium ging vooraf aan de presentatie van het boek 'Kring 71: de NSB in het Westland' geschreven door Maaslander en SRGO-voorzitter, drs. Philip Van den Berg. De eerste exemplaren werden overhandigd aan de Westlandse burgemeester Sjaak van der Tak en prof. dr. Peter Romijn.

Sprekers tijdens het congres waren de historici dr. Ewart Bosma, prof. dr. James Kennedy, dr. Frank van Riet, prof. dr. Peter Romijn en drs. Robin te Slaa. Zij spraken onder meer over de politie en het nationaal socialisme, het lokaal bestuur en de NSB. Ook de vraag hoe radicaal de NSB was kwam aan de orde
Winterhulp was de gemeenzame benaming van de Stichting Winterhulp Nederland (WHN), de nationaalsocialistische organisatie die tijdens de Tweede Wereldoorlog alle maatschappelijke hulpverlening zoals verleend door de overheid, particuliere en kerkelijke organisaties in Nederland moest overnemen. Winterhulp werd opgericht op 22 oktober 1940 door rijkscommissaris Seyss-Inquart. De hulpverlening was volgens het spraakgebruik op de winter gericht. Onder het nationaalsocialisme kon er volgens de leer geen armoede bestaan, alleen in tijden van winterkou zou extra liefdadigheid in de vorm van voedsel, kleding en dergelijke nodig zijn. Volgens artikel 2 van het oprichtingsdecreet was de doelstelling: "Het is de taak der Stichting om de in het bezette Nederlandsche gebied levende behoeftige Nederlandsche staatsburgers zonder aanzien des persoons hulp en ondersteuning te verschaffen". De steun bestond uit waardebonnen en goederen als levensmiddelen, kleding etc. Aanvankelijk kregen Joden ook steun, maar die hulp stopte al snel.
De NSB is het oersymbool van rechts-extremisme in Nederland. In dit boek wordt de ontstaansgeschiedenis van de NSB voor het eerst systematisch en met gebruikmaking van alle beschikbare archieven beschreven. 




In het interbellum kwamen in Nederland allerlei kleine radicale partijen op, geïnspireerd door het Italiaanse fascisme van Mussolini. De meeste verdwenen in korte tijd, doorgaans na inmenging van querulanten en politieke dwaallichten (de parallel met het heden dringt zich op).
De Nationaal Socialistische Beweging van ir. Anton Mussert, opgericht in 1931, was de eerste extreem-rechtse partij die langer standhield.
De historici Te Slaa en Klijn beschrijven hoe de NSB haar eigen nationale variant van het fascisme probeerde te ontwikkelen, maar zich niet kon onttrekken aan de invloed van Hitlers Derde Rijk. Het 'Nederlandsche nationaal-socialisme' kreeg daardoor steeds meer nazistische trekjes.


Binnen de NSB bestond de jeugdbeweging 'De Jeugdstorm'. Deze twee meisjes zijn gekleed in het uniform van de Jeugdstorm en brengen enthousiast de Hitlergroet.
De organisatie stond er formeel los van, maar had in de praktijk zeer nauwe banden met de NSB. De leider ('hoofdstormer') was de vooraanstaande NSB'er Cornelis van Geelkerken. Op 1 mei 1934 werd Van Geelkerken als ambtenaar ontslagen, omdat NSB-lidmaatschap onverenigbaar met een dienstbetrekking bij de overheid werd geacht. Op diezelfde dag richtte hij de Jeugdstorm op. Bijna alle leden van de Jeugdstorm waren kinderen van NSB'ers. Voorafgaand aan de bezetting had de Jeugdstorm circa 2000 leden; een aantal dat gedurende de oorlog toenam tot ruim 12.000. Andere bronnen spreken van 16.000 leden. Leden waren tussen 10 en 17 jaar, en moesten Nederlander, bij voorkeur 'Arisch' zijn, doch vooral niet joods. Er waren wel enige leden met Indisch bloed. De leden noemden zich meeuwen en meeuwkes (10-13 jaar) en stormers en stormsters (14-17 jaar). Jongens en meisjes vormden gescheiden groepen binnen de organisatie. Als ze 18 werden, werden de jongens vrij naadloos de Nederlandse Arbeidsdienst of de Waffen-SS in geloodst.

Aktion Silbertanne (Actie Zilverspar) was een codenaam voor een serie moordaanslagen en sluipmoorden die door Nederlandse SS'ers en Nederlandse oostfrontveteranen werd gepleegd tussen september 1943 en september 1944. De naam "Aktion Silbertanne" is afgeleid van het feit dat er een sparrentak kwam te staan achter de naam van mogelijke slachtoffers op de lijst van Nederlandse prominenten. De acties golden als represaillemaatregel voor aanslagen op vooral Nederlandse collaborateurs en hadden als zodanig de steun van diverse Duitse officieren. Ze werden uitgevoerd door speciaal geformeerde moordcommando's van de Waffen-SS en later alleen nog door het beruchte Sonderkommando Feldmeijer. Enkele beruchte Nederlandse oorlogsmisdadigers die aan de Silbertanne-liquidaties meewerkten waren Heinrich Boere, Maarten Kuiper, Sander Borgers, Klaas Carel Faber, zijn broer Pieter Johan Faber, Daniel Bernard en Lambertus van Gog. De moordcommando's gingen te werk in de verhouding 1:3 – voor elke door het verzet omgebrachte collaborateur werden drie Nederlanders uit de weg geruimd die als antinationaalsocialistisch bekendstonden. Hiertoe hield de bezetter in het geheim lijsten bij met anti-Duitse kandidaten die voor deze represaillemaatregel in aanmerking kwamen.
De moorden begonnen in Meppel en Staphorst in het najaar van 1943. De slachtoffers waren personen die bekendstonden als Oranjegezind of Deutschfeindlich. Zonder enige vorm van proces werden zij, na aanbellen, doodgeschoten in de deuropening van hun woning of ergens langs de kant van de weg. Binnen een jaar werden 45 anti-Duitse Nederlanders vermoord. 11 anderen wisten de aanslagen te overleven. Bekende slachtoffers van de Aktion Silbertanne waren de schrijver A.M. de Jong en de chirurg Engbertus Johannes Roelfsema.
Anton Mussert, leider van de NSB, was tegen deze moordcommando's. Toen SS-Brigadeführer Eberhard Schöngarth van deze gewelddadigheden hoorde, maakte hij er in september 1944 een einde aan. Hanns Albin Rauter is mede op grond van deze acties ter dood veroordeeld.

Prof dr Peter Romijn van het NIOD had het over de NSB en het lokaal bestuur. Hij deponeerde enkele stellingen met toelichting.
  1. De NSB had als rechts-autoritaire beweging een beperkt zelfstandig groeipotentieel. In het Westland kreeg de beweging nauwelijks meer belangstelling vanwege haar gedachtengoed dan andere partijen.
  2. De NSB en haar bestuurders miskenden dat de legitimiteit van het bestuur berust op meer dan eerzame motieven en goede bedoelingen. Het zittende bestuursapparaad werd steeds meer ingelijfd door de bezetter.
  3. De NSB was geen gelijkgestemde 'dadergroep', maar het is niet vreemd dat de leden werden aangesproken op de daden die uit naam van de beweging en het nationaalsocialisme zijn begaan. Los van de rol die ieder NSB-lid had vervuld binnen de beweging, werd men ten volle verantwoordelijk gesteld voor de steun van de NSB aan de bezetter en de daaruit voortvloeiende daden. Men hoefde enkel lid de beweging te zijn geweest om na de oorlog te worden vastgezet. Veroordeling van NSB'ers vond plaats op grond van ontrouw aan het vaderland.
Dr. Ewart Bosma sprak over het onderwerp Ds Kersten, de SGP en de NSB. De NSB viste uit diverse vijvers in de samenleving, ondermeer in de kerken. Ds. G.H. Kersten heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de oprichting van de NSB. De SGP was een interkerkelijke partij. Veel zogenaamde 'bevinderlijk gereformeerden' behoorden tot de SGP. Men zag in het heersende wereldbeeld een verval in kerk en staat. De hieruit ontstaande afkeer van de moderniteit, niet alleen technologische vooruitgang, maar ook gewijzigde opvattingen met betrekking tot de zede, maatschappelijke verhoudingen, politiek en theologie, droegen er toe bij dat ook in deze gezindte de NSB haar aanhang vond.
Dankwoord door Elisa Vreugdenhil ter afsluiting

Ook wij ontvingen een door de schrijver gesigneerd exemplaar. We kregen zijn waardering voor het feit dat we er een lange reis door de problematische Nederlandse spits op de wegen voor over hadden gehad om het symposium en zijn boekpresentatie bij te wonen. Maar we vonden het beslist de moeite waard!